Menu
Kinderen

Werkende ouders, dikke kinderen. Dankzij de voedingsmiddelenindustrie.

Recent Amerikaans onderzoek toont aan dat er een verband bestaat tussen werkende moeders en overgewicht bij hun kinderen. Niet omdat deze kinderen meer tv kijken, minder bewegen of minder toezicht hebben, maar omdat voedingsmiddelenfabrikanten weigeren voedingsalternatieven op de markt te brengen die gezond zijn én gemakkelijk voor werkende ouders.

De universiteit van Washington becijfert dat sixth graders (kinderen uit groep 8) van werkende moeders maar liefst zes keer meer kans hebben op overgewicht dan leeftijdsgenootjes waarvan de moeder niet werkt.

Concreet: voor elke vijf maanden dat beide ouders werken, krijgt een kind er gemiddeld een pond extra gewicht bij.

In Amerika. En er is geen enkele reden om aan te nemen dat het in Nederland niet zo is.

Om te beginnen zijn de Nederlandse voedingsgewoonten echt niet zoveel beter dan die van Amerikanen. De vanzelfsprekendheid van tussendoortjes (zelfs op school!) – vaak te wijten aan een gehaast ontbijt of lunches die eigenlijk helemaal niet, zo voedzaam zijn – leiden tot een onevenwichtige inname van veel calorieën en weinig voedingswaarde. De veel-voor-weinigcultuur die we met liefde van Amerika over hebben genomen, helpt daar niet bij. Nederland besteedt per hoofd van de bevolking het minste aan eten.

‘Supersize’ me! Geen probleem als je bedenkt hoe fabrikanten het voor elkaar krijgen om zulk goedkoop eten in de schappen te leggen:

  • door goedkope ingrediënten te gebruiken, zoals palmolie (slecht verteerbaar, nare ecologische gevolgen);
  • door ‘verse’ voeding lang houdbaar te maken met conserveermiddelen en E-nummers (want vers is bederfelijk en daardoor veel duurder);
  • en de smaak, die je met al die kunstgrepen uit het eten perst, eenvoudig op te peppen met veel zout, suikers en andere kunstmatige smaakversterkers.

In Amerika reist een vrouw rond met een Happy Meal in haar tas. Al een paar jaar. De cheeseburger en de frietjes zijn nog steeds niet bedorven, of uit elkaar gevallen. Je vraagt je af hoe ons lichaam zo’n Happy Meal ooit kan afbreken.

Het resultaat? We geven onszelf en onze kinderen geen echte voeding, maar industrieel gefabriceerd eten. Daardoor vergeten we wat de natuur ons te bieden heeft en hoe echt eten proeft. Elke dag verliezen onze zintuigen meer het kompas dat we van moeder natuur gekregen hebben.

Gaan we terug naar de werkende moeders in Nederland. Die kijken wel uit, om hun kinderen een Happy Meal te geven als hoofdmaaltijd. Zelf koken, met verse ingrediënten, is waar alle moeders elke dag naar streven. Onderzoek van Bionext, onderdeel van het Biologisch Convenant laat zien dat 66% ‘alles leren eten’ als topprioriteit heeft gesteld voor haar baby, en dat 97% haarfijn weet wat het kind nodig heeft. Ouders weten dus heel goed wat hun kinderen nodig hebben en willen het goed doen. Maar de tijd is ze simpelweg niet gegeven.

Noch moeders noch vaders hebben tijd over. Minder werken? Onmogelijk. We leven niet meer in de jaren ’50. De tijd dat moeders er een baantje bij deden, ligt ver achter ons. Eurostat heeft becijferd dat in Nederland inmiddels 70% van de moeders werkt. Ons land heeft daarmee de afgelopen 20 jaar de grootste stijging (23%) van werkende ouders in Europa doorgemaakt. Werkende moeders vormen een mainstream economische factor. Het zijn net werkende vaders: ze combineren een baan met een gezin en hebben vaak ook nog eens een rijk sociaal leven. Gelukkig maar. Daar blijven het leuke ouders van.

Maar wel ouders, die op zoek zijn naar slimme oplossingen. Want de tijd die ze graag samen met hun gezin aan tafel willen doorbrengen moeten ze ergens anders vandaan halen. De voedingsmiddelenindustrie lijkt daar op in te spelen met kant-en-klare maaltijden, sauzen, soepen enzovoort. Maar als je de etiketten goed leest, weet je dat die alternatieven niet in de buurt komen van vers bereid, voedzaam en eerlijk eten.

Wat veel van ons vergeten, is dat kinderen hun smaak ontwikkelen in hun eerste jaar. Ze ontdekken dat banaan niet alleen anders proeft dan sinaasappel, maar er ook anders uitziet, anders voelt en anders ruikt. Zo leren ze genieten van echt eten. Wat wij er dán instoppen, is een blauwdruk voor de rest van hun leven. Uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam blijkt dat 66% van de ouders liever vers bereide babyvoeding koopt, dan de al bestaande, lang houdbare potjes.

Senior kindergeneeskunde en gastro-enteroloog van het Emma Kinderziekenhuis, Angelika Kindermann zei het onlangs zo tegen mij: “Veel ouders in Nederland kopen kant-en-klaarmaaltijden in de supermarkt, waardoor de kinderen niet binnenkrijgen wat ze nodig hebben. We snappen het wel: ze hebben geen tijd om te koken, maar wij zien de gevolgen.”

Meer tijd gaan ouders niet krijgen. Moeders stoppen niet met werken, alleen al om economische redenen, en vaders net zomin. Het bewustzijn van ouders over gezonde voeding is nog nooit zo hoog geweest. Ze verwachten eerlijke, betrouwbare en gemakkelijke oplossingen van de voedingsmiddelenindustrie. De partijen die nu aan hervorming toe zijn, zijn de voedingsmiddelenindustrie, de horeca en de retail. Het is tijd dat ze met écht gezonde alternatieven komen

Alleen als wij onze kinderen elke dag kunnen laten genieten van echt en puur, zullen ze later intuïtief kiezen voor eten dat goed voor ze is.

Ingrid Keller – Cayet

is moeder en oprichter van Madaga (www.madaga.nl). Met haar bedrijf helpt ze werkende ouders door babyvoeding vers te bereiden en te bezorgen.