Rubriek

Ouderdomsziekte

Rubriek

Elk uur krijgen ruim elf mensen in Nederland trombose. Helaas overleven drie mensen deze medische aandoening niet. Bij trombose vormt zich in een ader een bloedstolsel. Dit kan overal in het lichaam voorkomen, van het hart tot de hersenen en de benen. Er zijn een aantal manieren waarop je het risico op trombose kunt vermijden. Mocht de diagnose toch gesteld worden, dan is er een behandeling mogelijk. Hoe? Dat lees je in dit artikel.

Welke groepen lopen een hoger risico op trombose?
Sommige mensen lopen een hoger risico op trombose. Vaak heeft dit te maken met hun levensstijl. Behoor jij tot een van onderstaande groepen? Wees dan voorzichtig en trek aan de bel bij klachten:

  • Rokers
  • Mensen die aan hun onderste ledematen geopereerd worden.
  • Mensen bij wie trombose in de familie voorkomt.
  • Zwangere vrouwen.

Trombose: de cijfers
De wereldwijde cijfers over trombose zijn schokkend. Het precieze aantal mensen dat getroffen wordt door deze aandoening is onbekend. Feit is wel dat er Verenigde Staten jaarlijks maar liefst 900.000 mensen getroffen de diagnose trombose krijgen. Van deze groep sterven er zo’n 60.000 tot 100.000 aan deze aandoening. Sterker nog, 10 tot 30 procent van de mensen sterft binnen een maand na de diagnose.

Na 10 jaar opnieuw diagnose
Bij mensen die een trombose hebben gehad, heeft 30 tot 50 procent te maken met langdurige complicaties zoals zwelling, pijn en verkleuringen. Een derde van de mensen met trombose krijgt het binnen tien jaar weer.

Hoe verklein je de kans op trombose?
Er zijn verschillende manieren om de kans op trombose te verkleinen. Zo is het altijd verstandig om te stoppen met roken. Vermijd daarnaast zout- en suikerinname om je bloeddruk te verlagen. Heb je last van overgewicht? Probeer dan een aantal kilo’s kwijt te raken door op dieet te gaan of te gaan sporten. Fietsen of hardlopen is bijvoorbeeld een gezonde manier van bewegen.

Strek je benen regelmatig
Probeer niet te lang te zitten. Soms is dit noodzakelijk, bijvoorbeeld tijdens een lange vliegreis. Maar eenmaal in de lucht kun je opstaan en even een paar minuten lopen om de kuiten te strekken. Draag tijdens het afleggen van lange afstanden bovendien geen strakke kleding, om beknelling te voorkomen.

Hoe behandel je trombose?
Helaas krijgen honderden mensen jaarlijks te horen dat ze lijden aan ‘diep veneuze trombose’. Het is belangrijk om deze aandoening zo snel mogelijk te behandelen. Daarmee verklein je het risico op levensbedreigende complicaties. Zo kan er een longembolie ontstaan wanneer het bloedstolsel afbreekt. Het komt dan in het bloed en blokkeert een slagader in de long. Jaarlijks overlijden er helaas teveel mensen aan deze complicatie. Door medicatie kan dit voorkomen worden. Meestal schrijft de huisarts bij de diagnose ‘diep veneuze trombose’ bloedverdunners voor. Deze medicatie zorgt ervoor dat de bloedklonter niet verder groeit en voorkomt verdere bloedklonters.

Trombose thuis behandelen

Voor een behandeling van trombose hoef je niet in het ziekenhuis te blijven. Je kunt ook thuis antistollingsmedicatie innemen. Doorgaans schrijft de huisarts deze medicatie al voor wanneer je nog in het ziekenhuis ligt. Je ontvangt gedetailleerde instructies om de doses thuis in te nemen. Een kuur duurt meestal drie tot zes maanden. Volg de instructies van de arts altijd nauwkeurig op. Teveel antistollingsmedicatie kan leiden tot teveel verdunning van het bloed, en dit brengt weer andere complicaties met zich mee. Hou je daarnaast goed aan deze regels:

  • Neem je medicatie iedere dag op hetzelfde tijdstip in.
  • Verander of stop niet met je huidige medicatie, tenzij jouw arts daar om vraagt.
  • Neem geen aspirine en medicijnen die aspirine bevatten. Vermijd ook niet-steroïde anti-inflammatoire geneesmiddelen, zoals ibuprofen (Motrin, Advil) en naproxen (Aleve).
  • Mis je een dosis? Bel dan zo snel mogelijk de huisarts.
  • Laat aan andere artsen en de tandarts weten dat je antistollingsmiddelen gebruikt.
  • Eet een gezond en evenwichtig dieet.

Zo verlicht je de symptomen van trombose

Wie zijn of haar medicatie goed inneemt en zich houdt aan bovenstaande regels zal merken dat de klachten van trombose snel afnemen. Je hebt bijvoorbeeld minder last van symptomen als pijnlijke en gezwollen benen. Vaak treedt dergelijke pijn op in de kuiten. Het voelt als kramp, en dat is natuurlijk niet fijn. Heb je helaas nog steeds last van symptomen? Op deze manieren kun je de pijn verlichten:

  • Draag compressiekousen. Deze kousen zijn speciaal aangepast en zitten strak om de voeten. Ze zitten geleidelijk losser op het been. Daardoor ontstaat er een zachte druk die voorkomt dat het bloed gaat stollen.
  • Leg je been af en toe wat hoger. Daarbij moet je voet hoger zijn dan je heup.
  • Probeer zoveel mogelijk te wandelen, bij voorkeur drie tot vijf keer per dag. Daarmee verbeter je namelijk de bloedstroom naar je benen, waarmee je het risico op trombose meteen verkleint.

Als we ouder worden zullen langzaam steeds meer last hebben van onze gewrichten. De meest mensen hebben erg last van de knieën omdat dit natuurlijk ook het gewricht is dat het meeste gebruikt wordt. Met fietsen met wandelen maar ook rondom huis zult u uw knieën belasten. U kunt u de pijn in uw knieën verlichten?

Blijf op gewicht

Wellicht probeert u al een langere tijd wat gewicht kwijt te raken maar lukt dit nog niet helemaal. Het is toch een goed idee om hier wat fanatieker mee bezig te zijn. Het kan namelijk ook verlichting geven voor de pijn in uw knieën. Ze worden dan namelijk minder belast en het zal uw knieën minder zwaar belasten. Wanneer u veel overgewicht heeft kan het zelfs gebeuren dat de pijn volledig zal verdwijnen.

Zacht slapen

Tijdens het slapen zult u wellicht veel bewegen en rollen en als u op uw zij ligt zullen ook uw knieën tegen elkaar aan komen. Het kan fijn zijn om een kussen tussen uw benen te legen zodat uw knieën lekker zacht liggen en het minder pijn zal veroorzaken. Er zijn ook speciale kussens die u aan uw been kunt maken zodat het kussen niet zal verplaatsen in uw slaap.

Blijf bewegen

Wanneer de pijn nog niet zo erg is is het belangrijk om te blijven bewegen. Zo houdt u alles soepel en dit zal juist ook helpen tegen verdere slijtage ook al klinkt dit tegenstrijdig. Door juist te bewegen zal het uw knie beschermen tegen artrose en andere knie problemen.

Masseer uw knie

Het is ook goed om af en toe uw knie te masseren en goed los te maken. U kunt hiervoor een verwarmende gel gebruiken die het ook wat soepeler maakt. Het bevorderd de bloedsomloop en zorgt dat afvalstoffen beter afgevoerd kunnen worden. U kunt dit ook goed met olijfolie of kokosolie inmasseren voor extra pijnbestrijding.

Blijf in beweging ook als u last heeft van uw knie, met deze tips kunt u ook nog eens zorgen voor minder pijn in uw knieën.

Wanneer iemand een beroerte heeft zal dit in eerst instantie niet vaak herkend worden, wanneer het iets meer zicht baar of merkbaar is zullen we pas zien dat er echt iets aan de hand is. Waar moeten we dan op letten en kunnen we iets doen als we deze signalen zien?

Wat is een beroerte?

Bij een beroerte krijg een deel in de hersenen geen of te weinig bloed. Daardoor kunnen delen van het lichaam tijdelijk uitvallen. Het kan komen doordat er door een vernauwd bloed vat en bloed even ophoopt en er niet door kan, door de druk kan het zijn dat het bloed ineens weer goed gaat stromen waardoor het weer beter gaat. Er kan daardoor wel blijvende schade zijn veroorzaakt. Het gebeurt ook doordat bloedvaten dicht geslipt zijn en er daardoor te weinig bloed door kan.
Het kan zijn dat u meer kans heeft op een beroerte door

  • Roken
  • Hoge bloeddruk
  • Suikerziekte
  • Veel alcoholgebruik
  • Ernstig overgewicht
  • Hartziekte

Wat zijn de verschijnselen van een beroerte?

Bij een beroerte kunnen delen in het lichaam uitvallen. Dit verschilt per persoon afhankelijk van welk deel van de hersenen geen bloed meer krijgt. Zo kunnen de volgende dingen uitvallen.

  • Spieren in arm
  • Gevoel in de benen
  • Spraak
  • spieren in het gezicht
  • Zicht
  • Geheugen

Hoe moet u handelen bij deze verschijnselen?

Als u een van deze verschijnselen bij iemand ziet moet u direct 112 of de huisartsenpost bellen. Het beste is om te noteren op welke tijden de uitvalverschijnselen begonnen en wanneer dit erger wordt. Zo kunnen de doktoren beter achter halen wat het is of waar het probleem zit. Zorg er voor dat de persoon niets meer eet of drinkt tot dat de arts diegene onderzocht heeft. Dit kan het latere proces bevorderen.

Wat gebeurt er na een beroerte?

Het kan zijn dat binnen enkele minuten of uren de uitvalverschijnselen helemaal weg zijn. Dit zal een TIA geweest zijn en dan zult u met wat medicijnen alles onder controle kunnen houden. Het kan ook zijn dat er meer tijd voor nodig is, het meeste herstel vindt binnen een maand plaats maar ook daarna kan het langzaam nog wat beter worden. Het kan dus voorkomen dat u gevoel of spieren minder kunt gebruiken dan anders maar vaak is hier nog goed mee te leven met wat aanpassingen.

Herken tijdig een beroerte om zo hersenschade te voorkomen.

Als een van je ouders op leeftijd is en niet goed meer kan lopen, zul je de juiste hulp moeten bieden. Hierdoor kan je vader of moeder de dingen blijven doen zoals eerst en gewoon in hun eigen huis blijven wonen. Waar je hulp bij moet bieden hangt af van een aantal dingen. Misschien kun je met een aantal simpele hulpmiddelen of aanpassingen al een eind komen, maar het kan ook zo zijn dat er een hoop veranderd moet worden. Wij hebben een aantal dingen op een rijtje gezet die je kunt doen op het moment dat een van je ouders niet meer goed te been is.

Hulpmiddelen voor ouderen

Er zijn ontzettend veel hulpmiddelen te krijgen voor ouderen. Deze zijn erg handig en voor velen zelfs onmisbaar. Zo kun je met een simpele stap beginnen, zoals een rollator kopen, maar er zijn meer opties. We hebben een aantal dingen onder elkaar gezet die je vader of moeder misschien wel nodig heeft. Je kunt hiervoor terecht op hulpmiddelwereld.

  • Hulpmiddelen om te lopen
  • Rolstoel
  • Scootmobiel
  • Rollator

Aanpassingen in huis

Ook kan het nodig zijn dat er aanpassingen worden gedaan in de woning. Het is goed om van te voren na te denken of je dit wilt doen. De kosten hiervan kunnen namelijk al snel oplopen. Het kan daarom in sommige gevallen beter zijn om te verhuizen. Sommige aanpassingen zijn redelijk simpel en kosten weinig geld, maar er zijn ook dingen die veel geld kosten zoals een traplift. We hebben een aantal aanpassingen op een rijtje gezet.

  • De drempels weg laten halen, ivm met een rolstoel, rollator en struikelen.
  • Bredere deuren plaatsen, zodat er een rolstoel doorheen kan.
  • Schakelaars voor het licht op de juiste hoogte.
  • Een deur die makkelijk te openen is.

De juiste zorg

In bepaalde gevallen is het gewoon niet meer mogelijk dat je vader of moeder alles helemaal zelf kan doen. Hiervoor is hulp nodig, bijvoorbeeld om te douchen. Deze hulp kun je zelf bieden, maar dat is waarschijnlijk ook niet altijd mogelijk, in dat soort gevallen is thuiszorg een optie.

Houd altijd rekening met de toekomst wanneer je aanpassingen doet aan een woning of bepaalde maatregelen neemt. Misschien kan je vader of moeder nu nog bepaalde dingen zelf, maar over 5 jaar niet meer. Het zou dan zonde zijn als er allerlei dingen geregeld zijn.

Veel ouderen hebben last van osteoporose. Dit zorgt ervoor dat de kans op een botbreuk een stuk groter is. Osteoporose is namelijk een aandoening die ervoor zorgt dat botten fragieler worden. Veelal komen botbreuken door deze aandoening voor aan de pols, wervel of heupen. In veel gevallen wordt de kans op een breuk steeds groter naarmate je ouder wordt. Dit zorgt ervoor dat veel ouderen met vervelende klachten rondlopen. Gelukkig is osteoporose steeds beter te behandelen, door de juiste osteoporosezorg. Wij hebben een aantal klachten op een rijtje gezet, en we vertellen je wat je ertegen kunt doen.

De klachten van osteoporose

De klachten die je ervaart als je last hebt van Osteoporose zijn erg vervelend. Het is belangrijk om er op tijd bij te zijn, zodat je verdere ontwikkeling van de aandoening kunt voorkomen. Klachten die je kunt ervaren zijn:

  • Krommer gaan lopen.
  • Grotere kans op een botbreuk.
  • Kleiner worden door het breken van een wervel.
  • Veel pijnklachten.

Wat te doen bij osteoporose

Als je last hebt van osteoporose zijn er een aantal dingen die je kunt doen. Hiermee kun je voorkomen dat je nog meer last krijgt van de aandoening. Ook als je al last hebt van de aandoening is het verstandig om er zo snel mogelijk iets aan te doen zodat het niet erger wordt. Let vooral goed op de volgende zaken:

  • Zorg voor minimaal een half uur lichaamsbeweging per dag.
  • Let op genoeg vitamine D, dit is nodig om kalk op te nemen.
  • Eet gezond en genoeg voeding waar kalk in zit zoals melk en kaas.
  • Drink geen alcohol.
  • Niet roken.
  • Pas goed op dat je niet valt.

De oorzaken van osteoporose

Er zijn verschillende oorzaken die ervoor kunnen zorgen dat iemand last krijgt van osteoporose. Meestal heeft het vooral met de leeftijd te maken, maar er zijn ook andere dingen die ervoor kunnen zorgen dat je last krijgt van zwakkere botten. Vaak is namelijk ook te zien dat de aandoening vaker voorkomt bij vrouwen dan bij mannen, ook kan het zijn dat het in de familie zit. Daarnaast kunnen bepaalde aandoeningen zoals reuma, epilepsie of de ziekte van crohn ervoor zorgen dat je sneller last krijgt van osteoporose. Het kan zelfs zo zijn dat bepaalde medicatie, bijwerkingen hebben waardoor je botten sneller aangetast worden.

Hersenaandoeningen worden grote last voor gehele samenleving

Den Haag 16 januari 2020 – Het aantal Nederlanders dat een beroerte krijgt, lijdt aan dementie of de ziekte van Parkinson zal tot 2040 explosief stijgen ten opzichte van 2015. Dit constateert de Hersenstichting op basis van gegevens over hersenaandoeningen uit de Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2018 (VTV-2018) van het RIVM. Uit de cijfers blijkt dat het aantal patiënten dat in 2040 een beroerte heeft gehad met 54 procent stijgt, het aantal dementiepatiënten met 115 procent en het aantal mensen met de ziekte van Parkinson met 71 procent. Deze explosieve stijging heeft een enorme impact op de gehele samenleving. Uit de toekomstverkenning voor 2040 komt naar voren dat er over twintig jaar 672.600 Nederlanders een beroerte hebben gehad en met de gevolgen daarvan moeten leven, dat er 330.400 mensen aan dementie lijden en 82.600 aan de ziekte van Parkinson. Het aantal dat lijdt aan dementie verdubbelt daarmee ten opzichte van 2015. “En dit zijn slechts drie hersenaandoeningen van de in totaal honderden die voorkomen”, zegt Merel Heimens Visser, directeur van de Hersenstichting. “Het positieve nieuws is dat we de afgelopen jaren al enorme stappen hebben gezet op het gebied van hersenonderzoek, waardoor er in de komende twintig jaar minder Nederlanders sterven aan de gevolgen van bijvoorbeeld een beroerte. Alleen moeten er wel meer mensen met de gevolgen van deze hersenaandoening leren leven. Dit alles zorgt ervoor dat de gehele samenleving – patiënten, naasten, mantelzorgers en zorgprofessionals – meer en meer te maken krijgt met hersenaandoeningen en de gevolgen hiervan.”

Investeren in de toekomst

Nu al hebben bijna vier miljoen Nederlanders een hersenaandoening en kost het de maatschappij jaarlijks 25 miljard euro. Naar aanleiding van de projecties uit de toekomstverkenning is de verwachting dat dit de komende jaren alleen maar toeneemt. “De wetenschap, de overheid, het bedrijfsleven en de rest van de samenleving gaan hier de komende jaren in verschillende opzichten veel van merken. De zorguitgaven zullen stijgen, op het werk zullen steeds meer mensen zijn die lijden aan een hersenaandoening en Nederlanders zullen meer mantelzorg moeten verlenen aan mensen met een hersenaandoening”, zegt prof. dr. Helmut Kessels, verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. “Daarom moeten we met zijn allen samenwerken om een toekomst te creëren zonder hersenaandoeningen”, vult Heimens Visser hem aan. “Want alleen samen kunnen we hersenaandoeningen behandelen én in de toekomst voorkomen. We moeten daarbij niet inzetten op één aandoening, maar breed investeren in baanbrekende oplossingen die hersenaandoeningen helpen voorkomen, afremmen of genezen. We moeten blijven investeren in onderzoek, het geven van voorlichting en het verbeteren van de patiëntenzorg.”

Collecteweek van de Hersenstichting

Help de Hersenstichting mee om dit toekomstbeeld te voorkomen. Geef aan de collectant tijdens de collecteweek van maandag 27 januari tot en met zaterdag 1 februari 2020. Ruim 19.000 vrijwilligers lopen door heel Nederland langs de deuren om geld in te zamelen voor al die mensen die te maken hebben meteen hersenaandoening. Geef aan de collectant of doneer het online.

Over de Hersenstichting

1 op de 4 mensen heeft een hersenaandoening. Hersenaandoeningen zijn helaas hard op weg de grootste ziekte van Nederland te worden. Dit moet stoppen. Want een hersenaandoening zet je leven op z’n kop. En vroeg of laat raakt het ons allemaal. Daarom zet de Hersenstichting alles op alles voor gezonde hersenen voor iedereen. Nu en in de toekomst. We zetten niet in op één aandoening, maar investeren breed in baanbrekende oplossingen die hersenaandoeningen helpen voorkomen, afremmen, of genezen. Om dit te bereiken laten we onderzoek doen, geven we voorlichting en zetten we ons in voor betere patiëntenzorg. Meer informatie: www.hersenstichting.nl

Onderzoeksverantwoording

In opdracht van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport rapporteert het RIVM over de ontwikkeling van de volksgezondheid in Nederland middels de Volksgezondheid Toekomst Verkenning (VTV). Een VTV geeft inzicht in de belangrijkste toekomstige maatschappelijke opgaven op het gebied van ziekte en gezondheid, gezondheidsdeterminanten, preventie en gezondheidszorg in Nederland. Ook hersenaandoeningen worden meegenomen in een VTV. Op verzoek van de Hersenstichting heeft het RIVM in 2019 in kaart gebracht welke hersenaandoeningen zijn meegenomen in de recentste VTV, de VTV-2018. Bij de hersenaandoeningen is de volgende vraag gesteld: als de historische cijfers zich in de toekomst op eenzelfde wijze voortzetten én als er geen nieuw of aanvullend beleid wordt ontwikkeld, hoe ziet de toekomst er dan uit? De projecties zijn dus volledig verklaarbaar door de veranderende bevolkingsomvang (aantallen mensen) en -samenstelling (leeftijden, mannen, vrouwen), ofwel demografie.

Het klassieke medicijn levodopa dat klachten vermindert bij Parkinson kan zonder probleem bij de eerste symptomen van de ziekte worden gebruikt. Dit heeft geen negatieve gevolgen voor de patiënt op de lange termijn. Een bijna 7 jaar durend onderzoek onder leiding van Amsterdam UMC heeft aangetoond dat artsen niet terughoudend hoeven te zijn bij het voorschrijven van het middel. Een publicatie hierover verscheen 23 januari in de New England Journal of Medicine.

Onderzoeksleider hoogleraar Neurologische Bewegingsstoornissen Rob de Bie is verheugd over de uitkomst van de studie naar levodopa, het meest voorgeschreven middel voor Parkinson. Naar de langetermijneffecten van het medicijn was nog niet veel onderzoek gedaan, hoewel het al bijna 50 jaar wordt gebruikt.

Artsen waren terughoudend geworden bij het voorschrijven vanwege twijfels dat snel beginnen met medicatie de ziekte zou kunnen verergeren of meer bijwerkingen kan veroorzaken. Patiënten kregen het middel pas als de klachten dusdanig werden dat ze problemen kregen in hun dagelijks functioneren, zoals moeite met aankleden. De Bie: “Dit onderzoek laat zien dat dit niet nodig is. Ik heb ook mijn terughoudendheid laten varen. De uitkomst van deze studie heeft gevolgen voor de behandeling van de ziekte wereldwijd.”

Rond 2011 begon een experiment geleid vanuit Amsterdam. Ruim 400 patiënten die in de beginfase van hun ziekte waren, werden ingedeeld in 2 groepen. De ene helft kreeg meteen levodopa, de andere helft kreeg een placebo (neppil). Na 40 weken kreeg iedereen het medicijn. De patiënten zijn vervolgens nog 40 weken gevolgd. Na 80 weken reageerden de patiënten precies even goed op het medicijn.

“Kort gezegd maakt het voor de werking op de lange termijn en bijwerkingen niet uit als je eerder begint met voorschrijven van het medicijn”, zegt De Bie. “Dus als het nodig is, kun je vroeg beginnen met medicatie. Het voordeel hiervan is dat je de ziekte eerder kunt behandelen en zo de kwaliteit van leven in het begin van de ziekte verbetert.”

In Nederland zijn ongeveer 50.000patiënten met de ziekte van Parkinson, een hersenziekte die gepaard gaat met traagheid, stijfheid en trillen. De aandoening wordt gekenmerkt door de afbraak van hersencellen die de neurotransmitter (boodschapperstof) dopamine produceren in de substantia nigra (de zwarte kernen) van de hersenen. Na verloop van tijd raken ook andere delen van de hersenen aangedaan. De oorzaak van de aandoening is grotendeels onbekend. Levodopa vult het tekort aan dopamine in de hersenen aan dat door Parkinson ontstaat. Het geneest de ziekte niet, het vermindert de symptomen.

Aan deze studie hebben patiënten meegedaan afkomstig uit 50 Nederlandse ziekenhuizen. Op de website leapamc.nl is meer te vinden over de opzet van de studie. Het onderzoek is mogelijk gemaakt met steun van ZonMw, Stichting ParkinsonFonds, Stichting Parkinson Nederland en Parkinson Vereniging (patiëntenvereniging).

Door de toenemende vergrijzing neemt ook het aantal ongelukken waarbij senioren betrokken zijn steeds verder toe. Zo raken ouderen steeds vaker betrokken bij verkeersongelukken. Maar ook buiten het verkeer neemt het aantal ongelukken met ouderen steeds meer toe.

Ouderen vallen steeds vaker

Uit onderzoek van VeiligheidNL blijkt dat jaarlijks bijna 100.000 ouderen de Spoedeisende Hulp bezoeken na een val. De prognose is dat dit de komende jaren verder oploopt naar bijna 150.000 in 2030. Logischerwijs neemt het aantal ziekenhuisopnames na een bezoek aan de SEH ook toe. Onder de gevallen ouderen die een SEH bezoeken is ruim 70% een vrouw. De helft van de valpartijen vond in en om het huis plaats. Als dit verder gespecificeerd wordt, is de meest voorkomende plek de woonkamer (7.500), de trap (6.000) en de sanitaire ruimtes (5.800).

Vallen in de top 10 meest voorkomende overlijdensoorzaken

Ook het aantal mensen dat overlijdt aan een val is het afgelopen jaar gestegen. Uit onderzoek van het CBS blijkt dat valongelukken de top 10 is binnengekomen van meest voorkomende doodsoorzaken. Een stijging van 16% ten opzichte van 2015 bracht het aantal sterfgevallen uit vallen op ruim 3,3 duizend.

Valpreventie

Om vallen bij ouderen terug te dringen bestaat er de valpreventie. Iedereen die 65 jaar of ouder is, komt in aanmerking. Eerst wordt er een valanalyse afgenomen. De analyse bestaat uit twee delen: een korte vragenlijst (valrisicotest) en een uitgebreide valanalyse. De valrisicotest bestaat uit drie korte vragen die aangeven of iemand een verhoogd risico heeft op vallen. Indien de test een positieve uitslag heeft, wordt er gestart met de uitgebreide analyse. Het doel hiervan is het identificeren van het risico op vallen, het in kaart brengen van de factoren waar het risico het hoogst is om vervolgens een advies op maat te geven. De meest voorkomende interventies zijn:

  • Verbeteren van het gezichtsvermogen
  • Voedingssupplementen
  • Bewegingsoefeningen gericht op balans, mobiliteit en spierkracht
  • Medicatiebewaking

Voorkomen is beter dan genezen

Naast de oefeningen die vooral gericht zijn op geestelijke- en lichamelijke gezondheid kunt u ook aanpassingen doen in uw huis- en woonomgeving. Veel valpartijen kunnen voorkomen worden door meer grip en steunpunten in uw huis te bevestigen.

Voor veel ouderen wordt bewegen met de jaren een steeds grotere uitdaging. Vaak is traplopen een van de eerste dingen waar de mobiliteit afneemt. Niet voor niets is de trap, na de woonkamer, de omgeving waar de meeste ongelukken plaatsvinden. Een traplift kan hierbij een goed hulpmiddel zijn.

 

Meer informatie over trapliften kunt u hier vinden.

Dat slecht slapen niet goed is voor je humeur en je energie wisten we al, maar verhoogt het ook het risico op de ziekte Alzheimer? Het Radboudumc heeft onderzoek gedaan naar de gevolgen van slechte nachtrust en het effect op Alzheimer. Benieuwd naar de resultaten van het onderzoek? Lees dan snel verder.

Alzheimer-eiwitten

De eiwitten amyloïd-beta en tau komen van nature voor in de hersenen. Normaal stijgt de productie van amyloïd-beta overdag en daalt het tijdens het slapen. Een kenmerk van Alzheimer is dat beide eiwitten zich juist ophopen in de hersenen. Het is in de meeste gevallen een langzaam proces dat wel tien tot twintig jaar kan duren. Een slaapgebrek leidt tot een toename aan de eiwitten, vandaar dat het Radboudumc verder onderzoek heeft gedaan.

Het slaaponderzoek

Tijdens het onderzoek hebben 17 gezonde vrijwilligers deelgenomen aan een slaapexperiment. In een slaaplab werden hun hersenactiviteiten en hersenvocht gemeten. Een deel van de groep werd uit hun diepe slaap gehouden met behulp van geluiden. Hierbij werden zij niet gewekt maar enkel uit hun diepe slaap gehouden. Het andere deel kon ongestoord slapen. Na een maand werden de groepen omgewisseld. Uit het onderzoek bleek dat na een nacht met een verstoorde diepe slaap, de hoeveelheid amyloïd-beta met 10% toenam.

De conclusie

Het onderzoek is echter nog niet uitgebreid genoeg om er concrete conclusies uit te trekken. Onderzoekers benaderukken daarom dat een slechte nachtrust niet direct het risico op Alzheimer vergroot. Wel geven ze aan dat er meerder onderzoeken op andere gebieden tonen aan dat een goede nachtrust bijdraagt aan een goede gezondheid. Daarom geven wij enkele tips die moeten helpen om je nachtrust te verbeteren.

Slaap bevorderende middelen

  • Gebruik de slaapkamer primair om in te slapen en maak er geen werkplek van
  • Lees voor het slapen gaan een boek en kijk vooral geen tv
  • Drink rustgevende kruidenthee of andere natuurlijk supplementen van bijvoorbeeld een online winkel als Sambrosacare.
  • Maak geen gebruik van de smartphone een uur voor het slapen gaan
  • Zorg dat de slaapkamer goed geventileerd is

De beroepsorganisaties van huisartsen (NHG), specialisten ouderengeneeskunde en sociaal geriaters (Verenso) en verpleegkundigen en verzorgenden (V&VN) starten gezamenlijk het project DementieEnDan Eerstelijnszorg. Met een pakket aan scholingsmateriaal willen deze organisaties de deskundigheid over dementie bij hun leden vergroten en de samenwerking tussen de verschillende disciplines bevorderen. Hiermee sluiten zij aan bij de landelijke campagne DementieEnDan die in de week van 20-29 september plaatsvindt. Het project wordt financieel mogelijk gemaakt door Achmea.

Per jaar wordt in Nederland bij minstens 20.000 personen de diagnose dementie gesteld. Daarnaast heeft een aanzienlijk aantal ouderen dementie zonder dat dit bij de huisarts bekend is. Om uiteenlopende redenen blijkt de huisarts niet altijd de diagnose dementie te stellen wanneer dat wel mogelijk is.

Samenwerking
Goede medische en verpleegkundige zorg aan deze groep (zeer) kwetsbare patiënten vraagt om een proactieve, multidisciplinaire en probleemgeoriënteerde benadering. Een goede samenwerking tussen zorgverleners (zoals huisartsen, specialisten ouderengeneeskunde, wijk- en praktijkverpleegkundigen, verzorgenden en casemanagers dementie) is van groot belang voor patiënten met dementie.

De beroepsorganisaties ontwikkelen een gezamenlijk pakket scholingsmateriaal dat deze samenwerking ondersteunt en praktische en regionale werkafspraken mogelijk maakt. Door deze samenwerking blijft er oog voor de belastbaarheid van de patiënt, het voorkomen van onnodig belastende onderzoeken en ziekenhuisopnames en de mogelijkheden om zo lang mogelijk zelfstandig te wonen en te functioneren. Zo krijgt de patiënt altijd de goede zorg, ongeacht waar hij of zij zich bevindt.

Compleet pakket
Tijdens de campagne DementieEnDan, van 20-29 september, staat Nederland in het teken van dementie. Deze multimediale campagne is een initiatief van documentairemaker Ireen van Ditshuyzen. Naast een TV documentaire is er filmmateriaal beschikbaar voor scholingsdoeleinden. NHG, Verenso en V&VN ontwikkelen samen met het campagneteam scholing voor huisartsen, specialisten ouderengeneeskunde en sociaal geriaters, praktijkverpleegkundigen, wijkverpleegkundigen en casemanagers dementie ter verbetering van de zorg bij (vermoeden van) dementie.

Een vernieuwend project omdat het de deskundigheidsbevordering van bovengenoemde beroepsgroepen gezamenlijk aanpakt door middel van een e-learning en gemeenschappelijke trainingen in de eigen regio. Ook de kaderopleidingen van zowel huisartsen als specialisten ouderengeneeskunde zijn betrokken bij de ontwikkeling van het scholingsmateriaal. 

Materialen
De volgende (scholings)materialen worden ontwikkeld:

  • E-learning voor huisartsen, specialisten ouderengeneeskunde en verpleegkundigen;
  • Informatie voor patiënten en mantelzorgers over dit onderwerp op Thuisarts.nl, gebaseerd op samenwerkingsafspraken tussen huisartsen, specialisten ouderengeneeskunde en verpleegkundigen;
  • Gezamenlijke trainingen voor huisartsen, specialisten ouderengeneeskunde en verpleegkundigen in -en afgestemd op- de eigen regio;
  • Digitaal onderwijsmateriaal voor toetsgroepen;
  • Een brochure met een overzicht van alle beschikbare materialen over dementie en mantelzorg.

Subsidie
Het innovatiefonds van Achmea heeft positief geoordeeld over de subsidieaanvraag voor het project DementieEnDan Eerstelijnszorg. Zij erkent het als een vernieuwend project omdat het de deskundigheidsbevordering van bovengenoemde beroepsgroepen gezamenlijk aanpakt. Met het project is in totaal een bedrag van ruim € 200.000,- gemoeid. De projectaanvragers dragen voor 25% aan het project mee, de rest wordt door Achmea gefinancierd.

Pin It